Je innerlijke rust terug vinden

“Als je troebel water met rust laat, wordt het vanzelf helder” (Lao Tse)

Deze periode is ook een kans om eens wat vraagtekens te zetten bij een aantal vanzelfsprekendheden. Misschien werd je op een verkeerd spoor gezet?

Welke keuzes maak je?

Je kan kop of munt opgooien of een orakel raadplegen om je te helpen kiezen. Soms zijn de keuzes zo overweldigend dat je niet meer kan kiezen. Dan kom je ineens met twee paar schoenen naar huis. Of je kiest voor alles tegelijk: een carrière uitbouwen, er zijn voor je partner en kinderen, tijd voor jezelf nemen, boeken lezen, je vrienden zien…

Maar je kan je ook afvragen wie je bent en simpelweg doen wat bij je past. Als je je laat leiden door een innerlijke noodzaak, hoef je je niet te laten meeslepen door alle keuzes die ons worden opgedrongen. Je hoeft niet alles tegelijk te doen en te zijn. Je kan ook gewoon niet kiezen en simpelweg doen wat bij jou hoort.

Waar streef je naar?

Is een streven naar meer groei wel goed? Meer groeien betekent niet noodzakelijk beter, sterker of knapper. Want ook stilstand is waardevol. Het geeft de kans om op adem te komen, te laten bezinken, een transformatie door te maken en energie te verzamelen voor de volgende stap. Kijk maar naar de natuur. Bloemen blijven niet ongeremd groeien. Op een gegeven moment stoppen ze om open te bloeien, waarna ze terug stilvallen.

Je kan dus gerust genieten van deze tijd voor rust en stilstand. Wie weet welke mooie periode volgt eruit.

Wat is de waarde van duffe klusjes?

Vond je poetsen, strijken, koken ook duffe activiteiten die je best delegeert?

Nu je deze simpele klusjes zelf doet, ontdek je misschien dat ze het leven authentieker maken. Je hond borstelen, je schoenen poetsen, zelf koken of een trui breien. Het zijn activiteiten die bij het leven horen. Verveel je gerust een beetje terwijl je ze doet. Daar gaat het juist om.

Leestip: Ik baseerde me voor dit artikel op: Thooft Lisette, Tien geboden voor innerlijke rust, Onthaasten en ontspannen in een samenleving met te weinig tijd, Boekerij.nl, 2016.

Huiswerkcoaching in coronatijden

“Je kan een mens niets leren; je kan hem alleen helpen het zelf te ontdekken in zichzelf.” (Galileo Galilei)

Vanuit mijn ervaringen als studiecoach (naast vlindereffecten heb ik een website met studiemateriaal voor ingangsexamen geneeskunde, maar dit terzijde) wil ik graag wat advies meegeven voor ouders die hun kinderen graag willen ondersteunen de volgende weken.

Want ook als je van de lesstof niets begrijpt, kun je je kinderen op weg zetten met hun schoolwerk. Hoe dan? Want het is immers niet de bedoeling zelf te gaan les geven…

Je kan hen wel stimuleren om zelf te zoeken naar antwoorden op hun vragen.  Je kan dat doen door vragen te stellen:

  • Tot waar begreep je het nog?
  • Wat maakt het voor jou zo moeilijk?
  • Zijn er stukken die je wel snapt? 
  • Wat zou je helpen om het beter te begrijpen?
  • Hoe zou de juf of meester het uitleggen? Waarmee zou ze beginnen?
  • Kun je ’t eventueel eens bekijken met een klasgenootje?

Je kan ook altijd aanraden om eens te kijken op youtube. Daar staan heel wat filmpjes waarin leerkrachten tal van onderwerpen uitleggen. Simpelweg in youtube het onderwerp intikken. Ook nu kan je helpen door vragen te stellen.

  • Waar zit nu het verschil tussen de uitleg van het filmpje en jouw handboek?
  • Gebruikt men in het filmpje andere begrippen?
  • Is er nu al iets dat je beter snapte dan daarvoor?
  • Is er nog een specifiek onderdeel dat je zou kunnen uitdiepen om het beter te begrijpen? Misschien kan je daarover nog eens een ander filmpje zien?

Ten slotte: laat je kind het probleem duidelijk omschrijven en noteren om later aan de juf of meester voor te leggen. Misschien blijkt dan dat het formuleren van het probleem al de helft van de oplossing bevat… 🙂

Bedenk: wat kinderen zelf uitgepuzzeld hebben, kennen ze zoveel beter dan wat hen werd ingelepeld. Ga dus niet zelf met de stof aan de slag. De vragen zijn er enkel om hen een zetje te geven zodat ze zich vragen gaan stellen en zelf op zoek gaan naar antwoorden. Zo geef je hen de kans om te ontdekken wat ze zelf kunnen.

Maar misschien is het ook al voldoende om begrip te tonen voor de moeilijke situatie en vertrouwen te geven dat ze hun best doen!

Coronatijd: oefening in minimalisme

 “The things you own end up owning you” (Chuck Palahniuk)

Is het je ook al opgevallen hoeveel minder je nodig lijkt te hebben deze dagen?  Maar nog niet zo lang geleden waren we allen als eekhoorns die eikels verzamelen voor de winter. We waren collectief slachtoffer van  ‘consumentisme’:  een levensstijl die eruit bestaat om zoveel mogelijk te kopen, louter als tijdverdrijf of om onze status te verhogen.  De reclame maakte ons wijs dat elk artikel iets toevoegt aan ons geluk en dat we dus best zoveel mogelijk verwerven… Maar … hoe meer je koopt, hoe grotere kasten er nodig zijn, vervolgens heb je een groter huis nodig. En bijgevolg heb je een hoge hypotheek, die je gelukkig kan betalen met inkomsten uit een goeie job. En nu je toch genoeg verdient, kan je ook weer een auto kopen die past bij je standing, waardoor je ook weer best een aparte garage voorziet…

Maar nu we het noodzakelijkerwijze met minder moeten doen (afgezien van de online koopjes dan), kunnen we misschien eens kijken wat het alternatief is. Dan komen we onvermijdelijk uit bij ‘minimalisme’ , dat naar verluidt zorgt voor meer vrijheid en tijd en minder stress. Hoezo dan?

Minimalisme heeft als basisprincipe terug naar de essentie te gaan. Alle overbodige zaken schrappen en enkel houden wat echt belangrijk is: familie, gezondheid en passies.

Bedenk eens hoeveel ruimte en rust het oplevert:

  • als je niet hoeft te zoeken naar je spullen in overvolle schuiven en kasten;
  • als je niet telkens opnieuw moet schikken en opruimen;  
  • als je net zoals Obama vaak dezelfde outfit draagt. Zo hoef je je niet druk te maken over wat je vandaag weer aan zal doen.  
  • als je niet hoeft te kiezen uit 30 soorten kaas. De gerechten worden er met meer keuze overigens niet beter op.
  • als je kinderen hun eigen verbeelding en creativiteit kunnen gebruiken. Zelf een tent te maken met lakens en dekens in plaats van een kant en klare indianentent te gebruiken bijvoorbeeld.

Minimalisme gaat niet over goedkope en weinig spullen kopen maar over één keer een kwaliteitsvol item kopen dat je nodig hebt. Dus één mooi kostuum in plaats van 10 goedkope pakken.  Kwaliteit in plaats van kwantiteit dus. Dat geldt niet enkel voor je spullen, maar ook voor je e-mail (hoeveel overbodige nieuwsbrieven krijg je?) en je vrienden (beter 5 goeie dan 50 kennissen) en je voeding (bij de lokale kleinhandel bijvoorbeeld).

Minimalisme is meer dan ontspullen, het is een levenswijze.

Ga dus niet meer als een hebberige ekster alles wat je pad kruist binnenhalen. Laat de consumptiemaatschappij los en kies bewust voor kwaliteit.

Leestip: Dennis Storm, Weg ermee, Over de schoonheid van minimalisme, Spectrum, 2018.

‘Liminaliteit’: in limbo tussen oud en nieuw.

Kende je het woord ‘liminaliteit’ al? Wij niet. Het woord komt uit antropologie. Als mensen in een overgangsritueel van het ene stadium naar het andere gaan, zijn op een bepaald moment in ‘liminaliteit’, dat wil zeggen dat ze op het grenspunt zitten tussen hun oude status en de nieuwe.

Bijvoorbeeld bij een communie, een huwelijk, een doop,… is er altijd een overgang van één status naar een andere. De Franse antropoloog Arnold Van Gennep stelt dat er bij zo’n overgangsrituelen drie fases zijn:

  • de afscheiding, waarbij men afscheid neemt van de vorige status (denk bijvoorbeeld aan vrijgezellenfeesten)
  • de liminaliteit: een soort rituele dood en nieuwe geboorte (de plechtigheid van de trouw zelf)
  • herintrede: waarbij men een nieuwe status krijgt (het gehuwde leven)

Een mooi voorbeeld van liminaliteit is een studentendoop: op het moment van de ontgroening is men al geen buitenstaander meer, maar toch ook nog geen volwaardige student. Men zit in een soort tussenfase.

Liminaliteit is dus een soort ‘twighlight zone’, wanneer het oude er niet meer is, maar het nieuwe ook nog niet bestaat.

Het concept liminaliteit past ook op hele samenlevingen die door een plotse crisis gaan, zoals revoluties, epidemieën,…  Het is een periode met veel twijfels en chaos, waarbij radicale vragen worden gesteld. Tegelijk is er ruimte voor veel creativiteit en nieuwe oplossingen.

Wat we nu doormaken kan dus aanzien worden als een liminale periode. Verschillend met de overgangsrituelen zoals huwelijk en doop enz. is dat er geen ceremoniemeester is die het proces goed begeleidt en dat we niet precies weten in welke nieuwe status we zullen terecht komen…

Gaan we naar een ‘zorgende economie’?

Riane Eisler zei het zes jaar geleden al. Het wordt tijd voor een ‘zorgende economie’. Riane vraagt zich af wat de werkelijke indicatoren zijn voor groei en welzijn. Ze stelt vast dat de economische groei vandaag niet echt meet wat ons welzijn bepaalt.  Zo zijn oorlogen, meer gevangenen, meer zieken,… allemaal goed voor de economische cijfers. Immers, er wordt veel geld verdiend met de verkoop van wapens, het privé beheer van gevangenissen en de verkoop van geneesmiddelen. Zelfs milieurampen leveren winst op. Denk maar aan de opbrengsten voor kuisbedrijven, juristen, enz.

Maar wat met de winst aan welzijn door zorgtaken voor ouderen, kinderen, zieken, gehandicapten, … waar talrijke huismoeders en –vaders, zorgers en vrijwilligers zich dagelijks voor inzetten. En wat met de zorg voor de natuur? Die winsten wordt amper in de economische cijfers opgenomen. Riane zegt dat dit soort taken eerder ‘vrouwelijke’ taken zijn (ook als ze door mannen worden uitgevoerd). En dat soort taken werd volgens haar vanuit de geschiedenis en het ‘dominantie-model’ altijd al stiefmoederlijk behandeld.

Ze stelt daarom voor om als maatschappij meer waarde te gaan hechten aan wat zorgende mensen voor ons en de omgeving doen en dat ook te weerspiegelen in de economische indicatoren. Dan zijn niet niet enkel wapenverkoop, sigarettenverkoop en het massaal plunderen van onze natuur verantwoordelijk voor het economisch succes maar ook zorg voor elkaar en de natuur.

Nu we in deze tijden merken hoe we afhangen van al die zorgverleners, is haar verhaal actueler dan ooit!

Leestip: Eisler Riane, Creating a real Wealty economy,  From Phantom Wealth to a Wiser Future for All Humanity, 2014.

Bronnen over destructieve relaties, narcisme, psychopathie.

Jan Storms, Destructieve relaties op de schop, Ankhermes, 2014.

Jan Storms begeleidt mensen bij het herstellen van de schade die zij hebben opgelopen in destructieve relaties en traint beroepsmensen in het herkennen en hanteren van psychopathie. Hij heeft een achtergrond in de vedische wetenschap, de wetenschappelijke en spirituele traditie van het oude India, en bestuurde een rist van klassieke en moderne disciplines in het licht van de fundamenten van kennis.

Dit boek is een standaardwerk op het gebied van psychopathie, met alle basisinformatie.

Ik vond dit boek zelf vooral goed omdat hij een goede inkijk geef in de wereld van de psychopaat. Het is ook een eye-opener voor mensen die nog niet bekend zijn met de materie. Hij legt uit hoe manipulatie werkt, hoe destructief het is en hoe je je kan verdedigen.

Bart Renaer & Ana-Magdalena Zainea, In de greep van een light psychopaat, Bevrijd jezelf en leef het leven dat jou toebehoort…, Witsand Uitgevers, 2018.

Bart Renaer en Ana-Magdalena Zainea zijn geliefden en ouders en werken samen om prooien van light-pyschopaten te ondersteunen en te empoweren. Bart is master in de Psychologie en Ana-Magdalena is bachelor Culturele en Maatschappelijke Vorming. In hun werk kijken zij vanuit verschillende invalshoeken naar situaties en versterken elkaar daarom.

In dit boek leer je hoe je light-psychopaten kan herkennen onder hun masker en vooral: hoe je jezelf kan beschermen tegen hun vernietigende invloed.

Ik vond dit boek vooral goed omdat de schrijvers vanuit eigen ervaring (beiden waren zelf ook slachtoffer) beschrijven hoe ingrijpend een relatie met een ‘light psychopaat’ kan zijn en wat het verwoestende impact op slachtoffers is. Er staan ook veel goede tips in, bijvoorbeeld voor als je samen met een narcist kinderen hebt.

Iris Koops, Het verdwenen zelf, Herstellen van narcistische mishandeling, Werkboek, Den Haag, 2016.

Door narcistische mishandeling raak je vervreemd van jezelf. Maar je Zelf is er nog wel. Ergens, diep verborgen. Dit werkboek helpt je de verbinding met jezelf te herstellen. De schrijfster, zelf ook slachtoffer, ontleedt wat er precies gebeurd is en vertelt hoe je je kunt wapenen aan de hand van opdrachten voor herstel.

Ik vond dit boek goed omdat er heel wat herkenbare situaties, gesprekken,.. in worden opgenomen. De concrete opdrachten helpen slachtoffers zichzelf terug te vinden.

Mjon van Oers, Voorbij het narcisme, In je relaties, familie en werk. AnkhHermes, 2016.

Mjon van Oers is specialist op het gebied van narcisme. Zij is sinds 1992 zelfstandig auteur / journalist en schrijft (ook) over bewegen, gezondheid, mens en relaties.

In dit boek laat ze op een heldere manier zien hoe narcisme invloed kan hebben op alle facetten van het leven én wat je kunt doen om jezelf te beschermen. Van een narcistische ouder tot leidinggevende, van een narcistische partner tot de CEO: narcisme komt overal voor.

Ik vond dit boek goed omdat het ook alle facetten belicht en duidelijke informatie over het onderwerp geeft.

Thomas Erikson, Omringd door psychopaten, Herken de manipulator in je omgeving, Beter communiceren met collega’s, vrienden en familie, Harper Collins, 2019.

De Zweed Thomas Erikson is gedragsdeskundige en coach. Hij gebruikt het kleurenmodel van Carl Jung om je persoonlijkheid te definiëren en onderzoekt hoe je door manipulatieve collega’s, vrienden of familieleden gemanipuleerd kan worden en wat je daartegen kan doen.

Ik vond dit boek goed omdat er ook in werksituaties, met vrienden enz. slachtoffers van psychopaten zijn en dit komt hierin aan bod. Hij legt bovendien aan de hand van concrete situaties haarfijn uit hoe zo’n psychopaten en narcisten je in de val lokken.

Emelie Van Laar, Het interview met de Narcist, Hoe narcistisch misbruik werkt in het hoofd van de narcist, Uitgeerijwereldboeken.nl, 2019.

Deze schrijfster interviewt een aantal narcisten en psychopaten. Ze vertellen hoe zij hun slachtoffers geestelijk liquideren, manipuleren en welke middelen ze gebruiken. Ze vertellen hoe ze doelbewust hun slachtoffers neerhalen en waarom deze mishandeling voor hen zo belangrijk is.

Ik vond dit boek goed omdat het een unieke inkijk geeft in het denken van narcisten en psychopaten. Voor wie nog hoop had, dat er ooit liefde terugkomt van een narcist of psychopaat, is dit misschien wel een eye-opener.

Wendy Behary, Waarom gaat het altijd over jou? Omgaan met narcisme en egocentrisme bij anderen, Hogrefe Uitgevers, 2016.

Wendy is oprichter en klinisch directeur van het Cognitive Therapy Centre of New Jersey. Dit boek is voor wie op het werk of privé met narcisten of psychopaten te maken heeft en het contact niet kan vermijden. Ze geeft weer hoe eenzaam die mensen kunnen zijn en hoe je langs hun verdedigingsmuren kunt komen door empatisch te communiceren. Ze geeft enkele praktische strategieën die helpen voor je belangen op te komen, zonder in een onproductieve machtsstrijd te belanden.

Ik heb dit boek zelf nog niet gelezen.

Robin Stern, Het Gaslight Effect, Verborgen narcisme, AnkhHermes, 2018.

Robin Stern is psychoanalytica, docent, auteur en mededirecteur van het Yale Centre for Emotional Intelligence. Ze introduceerde het begrip ‘gaslighting’ meer dan tien jaar geleden. In dit boek laat ze aan de hand van talrijke voorbeelden zien hoe gaslighting werkt, hoe je het herkent en hoe je er weer los van kan komen. Met praktische adviezen, aansprekende voorbeelden en vele tips en oefeningen leer je de patronen doorgronden, hoe je kan ontsnappen en hoe je voortaan uit de handen van een gaslighter blijft.

Ik vond dit boek heel goed omwille van de goede voorbeelden, waardoor het proces van gaslighting echt duidelijk wordt en hoe je daar slachtoffer van kan worden en hoe je er terug uit geraakt.

Herboren (Majd Khalifeh)

Een tijdje geleden, het was nog in het pre-corona-tijdperk, woonde ik een lezing bij van Majd Khalifeh. Majd is in Dubai geboren als Palestijnse vluchteling, met het statuut van ‘staatloze’. Hij was een buitenlander zonder land. Nu is hij Belg en voelt hij zich herboren. Die avond werd ik helemaal meegezogen in zijn verhaal en kocht ik zijn boek. Ik beloofde hem daar kort mijn idee over te schrijven. Bij deze.

Zijn boek ‘Herboren. Hier komt een nieuwe Belg’ leest als een trein. Ik heb het zelfs twee maal gelezen. Een tweede keer om alles nog eens goed te laten bezinken. Zijn droom – een nationaliteit krijgen in een stabiel land en een diploma behalen – is voor de meesten onder ons zo evident, dat we er zelfs niet meer bij stilstaan. Dankzij zijn verhaal kan je niet anders dan daar toch even over te reflecteren, en die evidenties leren appreciëren. Ik bewonder zijn positieve manier van in het leven staan, van problemen relativeren en de situatie zo positief mogelijk inschatten. Dat is een levensfilosofie waar ik van hou. Ook zijn humor kon me wel bekoren.

Ondanks de ernst van zijn verhaal (zijn vlucht uit Syrië, de procedures voor asiel en regularisatie, zijn verblijf in asielcentra…) bracht Majd me geregeld aan het lachen. Zijn ongelooflijk gevoel voor humor maakt de lezing van zijn boek bijzonder aangenaam. En misschien ook gemakkelijker te verteren voor ons, want het gedrag van de Belg, of Vlaming, tegenover mensen die hier asiel zoeken, is niet altijd zo fraai…

Majd geeft ons een goede inkijk in het proces waar je als vluchteling en asielzoeker door moet. Mijn ergste nachtmerrie komt nog niet in de buurt van wat hij heeft moeten doorstaan. En vele anderen zoals hem ook. Daarnaast laat hij ons kritisch kijken naar onze eigen identiteit, cultuur en gewoontes, en hoe wij ‘integratie’ definiëren en met nieuwkomers omgaan. Tenminste, als je ervoor open staat. Hij benadrukt dat dit van beide kanten moet komen. Ook als asielzoeker of nieuwkomer moet je bereid zijn om de taal en cultuur van de ontvangende samenleving te leren, en moet je actief deel uitmaken van die maatschappij. Zij moeten inspanningen leveren, maar zo ook wij, om te leren begrijpen, ons in te leven in hun situatie en hen kansen te geven.

Ik vind dat Majd het proces waar hij doorging mooi in beeld brengt. Zo lees je dat België nieuwkomers veel kansen biedt, en daar mogen we best fier op zijn. Aan de manier waarop, kunnen we wel nog sleutelen, vind ik. Nieuwkomers moeten die kansen dan ook wel grijpen, en hun deel van het contract nakomen. Het boek leert ons dat dit echter verdomd niet gemakkelijk is. Als nieuwkomer moet je beschikken over een goede portie assertiviteit, pro-activiteit, creativiteit, lef en doorzettingsvermogen. En daarnaast liefst ook nog over een taalknobbel. Dat is niet iedereen gegeven.

Naast dit alles heeft Majd me anders leren kijken naar voetbal, muziek, gele kaas en patatjes, fietsstallingen, gaan stemmen en de Chiro. En dat we allen ten slotte gewoon mens zijn.

Dank je Majd voor het delen van je verhaal! Mijn mening over dit boek? Een must read!

De simpelste trucs om vrienden te verwerven (Dale Carnegie)

Net zoals Tante Kaat’s goede tips is Dale Carnegies boek een klassieker, die absoluut op mijn favorietenlijstje staat.  Carnegie schreef al in 1936 “Zo maakt u vrienden en goede relaties, de grote kunst goed met mensen om te gaan”.   Dit klinkt dan wel heel oubollig maar de inhoud is absoluut nog actueel.   Veel boeken over communicatie zijn variaties op wat Carnegie al schreef in 1936. Wat Whitehead zei over filosofie: ‘De filosofie van de laatste tweeëneenhalf duizend jaar is niets dan een voetnoot bij Plato, kan je ook zeggen over Carnegie en zijn rol voor communicatie (al kan ik nog wel wat klassiekers verzinnen J)

Zijn boek bestaat uit vier delen: fundamentele technieken in de omgang met anderen, manieren om jezelf bemind te maken; manieren om anderen te overtuigen en hoe een goede leider te zijn.   Hij legt deze simpele communicatietips uit aan de hand van talloze voorbeelden van beroemde mensen uit de geschiedenis en dat maakt het boek ook zo leuk om te lezen.

En terwijl ik deze tekst schrijf, besef ik dat ik alweer een tijdje een van zijn basistips heb verwaarloosd: wanneer was ik nu weer echt geïnteresseerd in anderen?   Of wanneer vroeg ik iemand hoe het ermee was én luisterde ik ook echt geïnteresseerd naar het antwoord?  Nochtans is dat de truc de belangstelling van mensen te verwerven of in de woorden van Carnegie: “To be interesting, be interested.”  Dat verzon hij overigens niet zelf, op blz 95 zegt hij dat de Romeinse dichter Publilius Syrus al opmerkte op dat wij belang stellen in anderen als zij belang stellen in ons.

Ik ga de volgende dagen eens terug experimenteren met het schenken van aandacht, zien wat er gebeurt… En wie nog meer tips wil, het boek ik in pdf gewoon op internet te vinden:

http://erudition.mohit.tripod.com/_Influence_People.pdf

Claim je succes

“Success consists of going from failure to failure without loss of enthusiasm.” (Winston Churchill)

Wiens verdienste is het wanneer je succes hebt? Schrijf je dat toe aan geluk? Terwijl het succes van anderen hun eigen verdienste is? En ga je bij mislukkingen jezelf de schuld geven? En als iemand anders faalt, schrijf je dat dan toe aan de omstandigheden…? Ben je hard voor jezelf en begrijpend voor anderen?

Als je beseft dat je andere maatstaven gebruikt voor jezelf als voor anderen, ben je al een stap dichter om je succes te claimen.

Maar het kan zover gaan dat je aan ‘imposter syndroom’ of ‘oplichterssyndroom’ gaat leiden. Deze term werd in 1978 voor het eerst gebruikt in een artikel van klinisch psychologen Pauline Clance and Suzanne Imes. Ze merkten dat veel succesvolle vrouwen het gevoel hebben dat hun succes niets te doen heeft met hun persoonlijke kwaliteiten of hard werken. Ze zijn dus voortdurend op hun hoede om ‘door de mand te vallen’ als een bedrieger die het succes niet verdient.

Hoog tijd dus om eens objectief al je sterke punten op te lijsten. Welke kwaliteiten heb je? Wat zijn je verwezenlijkingen?  Som ze allemaal op. Bekijk dan het lijstje objectief en beoordeel het alsof het een curriculum vitae van iemand anders is. Vind je ’t positief? Is het succes verdiend?  Besef dan dat het jouw lijstje was en claim het als jouw succes!

Minder is meer en trager is beter

“Let us defend ourself against the universal madness of the ‘fast life'” (Uit het Fast Food manifest)

Was je niet zo lang geleden ook nog een ‘speedaholic’? Moest alles snel en efficiënt: tussen de middag een snelle hap, timemanagement op het werk, speeddaten om de ideale partner te vinden, ‘éénminuutverhaaltjes’ voor het slapen gaan, multitasken … Was je druk, druk, druk? Hadden je kinderen steeds meer huiswerk in minder tijd? Rende je met hen van de ene turnclub naar de andere danswedstrijd, terwijl je ondertussen je to do lijstje aanvulde?

Misschien is deze tijd in ons kot dan wel goed nieuws. Zo komt er ruimte vrij om eens wat meer stil te staan. En om te ontdekken dat het ‘snelle leven’ misschien niet het ‘goede leven’ was. Misschien kan je deze crisis aangrijpen om eens te vertragen en te zien wat er dan gebeurt. Je kan je inspireren op de ‘Slow food’ of ‘Slow living’ trend.

‘Slow food’ ontstond in Italië in de jaren ’80 van de vorige eeuw als protest tegen de vestiging van een bekende fastfoodketen op het Piazza di Spagna. Hoewel de keten er toch kwam, kwam ‘Slow Food’ als trend op gang en werd een mondiale trend. Het gaat er daarbij om kwaliteit boven kwantiteit te stellen: ambachtelijke keuken van eigen bodem om samen te koken en te genieten. Van ‘Slow food’ is het niet zo’n grote stap naar ‘Slow living’. Door ‘langzaam te leven’ kunnen we de teugels in handen nemen en weer aansluiten bij het tempo van de natuur. Wat betekent dat concreet?

  • Minder werk en meer tijd om te genieten;
  • Stil staan bij, wie je bent, wat je doet en wat je wil;
  • Minder vrienden maar hechtere vriendschappen;
  • Echt contact met je kinderen in plaats van snelle verhaaltjes;
  • Tijd nemen voor elkaar en voor wat echt telt.

Met andere woorden: tijd nemen voor jezelf, voor de mensen waar je van houdt en je passies.